Test: blauwdrukken

Blauwdrukken (of cyanotypie) is een oude fotografische techniek die we kennen van oude bouwtekeningen. Het staat op onze poster en dus krijgt het een hoofdstuk in het het Grote Boek van Max en Ro. Wat als de tekeningen uit dat hoofdstuk niet uit de computer komen, maar geblauwdrukt zijn? Dat ging ik testen.

‘Begin je een drugslab mama?’

Blauwdrukken begint met het mengen van de chemicaliën: rood bloedloogzout en ammoniumijzercitraat. Het recept vind je hier. (En de chemicaliën kun je er ook bestellen.)

Met de gemengde vloeistof smeer je (in het bijna donker) vellen papier in (aquarelpapier in mijn geval) en die laat je (in het bijna donker) drogen. De droge vellen doe je in een lichtdichte envelop. Ze zijn dan een vies soort geel. (En onze badkamer, mijn handen en mijn schoenen bleken helemaal onder gespetterd … En dat werd dus blauw toen het licht weer aan was.)

Contact

Met blauwdrukken maak je een contactafdruk: je origineel is net zo groot als de afdruk. Hoe strakker je origineel op het papier ligt, hoe scherper je druksel. Ik maakte tekeningen op folie met bladeren losjes erop, zodat die onscherp worden. (Bladeren omdat dat een soort klassiek blauwdruk-onderwerp is.) Als je klaar bent om te drukken pak je steeds één vel, je legt je origineel er op en legt het in de zon. (Of ergens waar UV licht is.)

Het was half bewolkt, ik heb steeds ongeveer 5 minuten belicht. Meteen na het belichten spoel je het vel goed af onder de kraan, tot het blauw is.

Dit waren de mooisten:

Tot zover.